DutchVideo 2019

Wees nederig en vrees de Here

Kadosh, Heilig is Adonai, JHWH! Geef u geheel over aan Hem, en overdenk deze boodschap aan u! (After clicking the video, wait for a moment until it plays.)

Gepubliceerd op 29 mrt 2019 door Evangelical Endtime Machine International & Heiscoming12

Please share and do not change © BC

 

Volledige weergave:

Hallo, van harte welkom! Op 29 maart 2019 bracht de bode engel de volgende boodschap Gods over aan eindtijdprofeet Benjamin Cousijnsen.

Shalom! Ik begroet u in de almachtige Naam van Abba, Vader, uw Rabboeni, Yeshua HaMashiach, Isa, JHWH, Jezus Christus, Elohím, onze God, Tze’va’ot, Here der heerscharen, Asher Hayah, die was en die is, V’hoveh V’yavo, en die komt, de Koning der koningen!

Voorwaar, Kadosh, Heilig is Adonai, JHWH! 

1 Samuël 2, vers 1  Toen bad Hanna en zeide: Mijn hart juicht in de Here, mijn hoorn is verhoogd in de Here. Wijd opent zich mijn mond tegen mijn vijanden, want ik verheug mij in uw hulp.
En vers 7  De Here maakt arm en maakt rijk; Hij vernedert, ook verhoogt Hij.

2 Samuël 22, vers 47  De Here leeft. Geprezen zij mijn Rots, en verhoogd zij de God mijns heils.

En Psalm 18, vers 47  De Here leeft. Geprezen zij mijn Rots, en verhoogd zij de God mijns heils.

Psalm 30, vers 3  Here, mijn God, tot U riep ik om hulp, en Gij hebt mij genezen.
Vers 9  Tot U, Here, riep ik, en tot de Here smeekte ik om genade.
En vers 11  Hoor, Here, en wees mij genadig, Here, wees mij een helper.

Psalm 31, vers 6  In uw hand beveel ik mijn geest; Gij verlost mij, Here, getrouwe God.
Vers 10  Wees mij genadig, o Here, want ik ben benauwd; van verdriet verkwijnt mijn oog, mijn ziel en mijn lichaam.
Vers 15  Maar ik vertrouw op U, Here, ik zeg: Gij zijt mijn God.
Vers 22 en 23  Geprezen zij de Here, want Hij heeft mij wonderbare goedertierenheid betoond in de gloed der benauwdheid. Terwijl ik in mijn angst dacht: ik ben verbannen uit uw oog – hebt Gij voorwaar mijn luide smekingen gehoord, toen ik tot U riep om hulp.
En vers 25  Weest sterk en uw hart zij onversaagd, gij allen, die op de Here hoopt.

Psalm 32, vers 11  Verheugt u in de Here en juicht, gij rechtvaardigen; jubelt allen, gij oprechten van hart.

Psalm 34, vers 18 en 19  Roepen zij, dan hoort de Here, en Hij redt hen uit al hun benauwdheden. De Here is nabij de gebrokenen van hart en Hij verlost de verslagenen van geest.
En vers 10  Vreest de Here, gij, zijn heiligen, want wie Hem vrezen, hebben geen gebrek.

Psalm 89, vers 14  Gij hebt een machtige arm, uw hand is sterk, uw rechterhand verheven.
Vers 18  Want Gij zijt de luister hunner sterkte, en door uw welbehagen zult Gij onze hoorn verhogen.
En vers 34  Maar mijn goedertierenheid zal Ik hem, “maar ook haar”, niet onthouden, mijn trouw zal Ik niet verloochenen.

Psalm 91, vers 14 en 15  Omdat hij “of zij” Mij zeer bemint, zal Ik hem “of haar” bevrijden; Ik zal hem “of haar” beschutten, omdat hij “of zij” mijn naam kent. Roept hij “of zij” Mij aan, Ik zal hem “of haar” antwoorden; Ik zal in de benauwdheid bij hem “of haar” zijn, Ik zal hem “of haar” uitredden en tot ere brengen.

Psalm 99, vers 5  Verhoogt de Here, onze God, buigt u neder voor de voetbank zijner voeten; heilig is Hij.
En vers 9  Verhoogt de Here, onze God, buigt u neder voor zijn heilige berg, want: Heilig is de Here, onze God.

Psalm 101, vers 2 tot en met 5  Ik wil acht geven op een onberispelijke wandel. Wanneer zult Gij tot mij komen? Ik wandel in oprechtheid mijns harten in mijn huis; ik stel geen schandelijke dingen voor mijn ogen; ik haat het doen der afvalligen, het kleeft mij niet aan. Een verkeerd hart wijke verre van mij, de boze wil ik niet kennen. Wie zijn naaste heimelijk lastert, die zal ik verdelgen; wie hoog van ogen en trots van hart is, die duld ik niet.
En vers 7 en 8  In mijn huis zal geen bedrieger wonen; de leugenspreker zal niet bestaan voor mijn ogen. Elke morgen zal ik verdelgen alle goddelozen des lands, en uit de stad des Heren uitroeien alle bedrijvers van ongerechtigheid.

En Psalm 103, vers 11  Maar zo hoog de hemel is boven de aarde, zo machtig is zijn goedertierenheid over wie Hem vrezen.

Voorwaar, mijn naam is Blesía, een bode engel Gods. 

Psalm 118, vers 4 tot en met 8  Laat wie de Here vrezen, nu zeggen: Zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid. Uit de benauwdheid heb ik tot de Here geroepen, de Here heeft mij geantwoord en mij in de ruimte gesteld. De Here is met mij, ik zal niet vrezen; wat zou een mens mij doen? De Here is met mij, onder mijn helpers, daarom zal ik op mijn haters neerzien. Het is beter bij de Here te schuilen dan op mensen te vertrouwen.
En vers 16  De rechterhand des Heren verhoogt, de rechterhand des Heren doet krachtige daden!

Voorwaar, vertrouw op de Here! 

Psalm 119, vers 31  Ik klem mij vast aan uw getuigenissen, o Here, maak mij niet beschaamd.
Vers 34 en 35  Geef mij verstand, dan zal ik uw wet bewaren, en haar van ganser harte onderhouden. Doe mij het pad uwer geboden betreden, want daarin heb ik lust.
Vers 101 tot en met 105  Ik weerhoud mijn voeten van alle boze paden, opdat ik uw woord onderhoude. Ik wijk niet af van uw verordeningen, want Gij onderwijst mij. Hoe aangenaam zijn uw redenen voor mijn verhemelte, meer dan honig voor mijn mond. Uit uw bevelen heb ik inzicht ontvangen; daarom haat ik elk leugenpad. Uw woord is een lamp voor mijn voet en een licht op mijn pad.
En vers 110 tot en met 112  Goddelozen leggen mij een strik, maar van uw bevelen dwaal ik niet af. Uw getuigenissen heb ik voor altoos ten erve ontvangen, want zij zijn de blijdschap mijns harten. Ik neig mijn hart om uw inzettingen te doen, voor altoos, ten einde toe.

Psalm 121, vers 5  De Here is uw Bewaarder, de Here is uw schaduw aan uw rechterhand.
En vers 7 en 8  De Here zal u bewaren voor alle kwaad, Hij zal uw ziel bewaren. De Here zal uw uitgang en uw ingang bewaren van nu aan tot in eeuwigheid.

Voorwaar, wees nederig en vrees de Here, en onderhoud uw relatie met Hem, niet alleen met de mond, maar met geheel uw hart en ziel en wandel.
Hij kent uw overtredingen en zwaktes, en wil dat u zich richt op Hem. Hij, Yeshua HaMashiach, Isa, JHWH, Jezus Christus, heeft op Golgotha genoeg bewezen en gaf Zijn kostbaar Bloed, en heeft alles op zich genomen en Zijn overwinning bewezen! Geef u geheel over aan Hem, en overdenk deze boodschap aan u!

Johannes 3, vers 16 tot en met 21  Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. Want God heeft zijn Zoon niet in de wereld gezonden, opdat Hij de wereld veroordele, maar opdat de wereld door Hem behouden worde. Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld; wie niet gelooft, is reeds veroordeeld, omdat hij “of zij” niet heeft geloofd in de naam van de eniggeboren Zoon van God. Dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is en de mensen de duisternis liever gehad hebben dan het licht, want hun werken waren boos. Want een ieder, die kwaad bedrijft, haat het licht, en gaat niet tot het licht, opdat zijn “of haar” werken niet aan de dag komen; maar wie de waarheid doet, gaat tot het licht, opdat van zijn “of haar” werken blijke, dat zij in God verricht zijn.

Ik ga nu, sprak Gods bode engel, Ruacha, Yeshu, Shalom!

En ook ik zeg u, Ruacha, Yeshu, Shalom!

 

Opmerking: Volledige tekstweergave voor doven, slechthorenden en anderstaligen
Use Google Translate and Bookmark it. Please share and do not change © BC
Vertalers in andere talen zijn zeer welkom

More messages on this website, also in English, Spanish, Portuguese, German, Filipino, Indonesian, Swahili, Surinamese, Korean, Polish and Russian!

Bron: Evangelicalendtimemachine.com