DutchVideo 2019

Profetische boodschap: Gods hand slaat wereldwijd

Voorwaar, Korea, China, Japan, Amerika, India, Spanje, Indonesië, Filipijnen, Turkije, Israël, Italië en overige landen, hoor aandachtig! Bekeer u van uw boze wandel en allerlei kwaad, waar God een afschuw van heeft. God doet wat Hij zegt. Amen! (After clicking the video, wait for a moment until it plays.)

Gepubliceerd op 22 mrt 2019 door Evangelical Endtime Machine International & Heiscoming12

Please share and do not change © BC

 

Volledige weergave:

Welkom! Op 22 maart 2019 bracht de bode engel de volgende profetische boodschap Gods over aan eindtijdprofeet Benjamin Cousijnsen.

Shalom! Ik begroet u in de almachtige en krachtigste en wonderbaarlijkste Naam ooit, van Yeshua HaMashiach, Isa, JHWH, Jezus Christus.

Voorwaar, voorwaar, voorwaar,

Ezechiël 1, vers 14  De wezens snelden heen en weer als bliksemschichten.
Vers 17  Als zij gingen, konden zij naar alle vier zijden gaan; zij keerden zich niet om als zij gingen.
En vers 20  Waarheen de geest wilde gaan, gingen zij – waarheen de geest wilde gaan. Tot zover.
Ezechiël 1, vers 24 en 25  Als zij gingen, hoorde ik het geruis hunner vleugels als het gebruis van vele wateren, als de stem des Almachtigen: een dreunend geluid als van een leger; als zij stilstonden, lieten zij hun vleugels hangen. En een stem klonk van boven het uitspansel dat boven hun hoofden was. Tot zover.

Voorwaar, mijn naam is Donder, een bode engel Gods.

Voorwaar, Korea, China, Japan, Amerika, India, Spanje, Indonesië, Filipijnen, Turkije, Israël, Italië en overige landen,
Hoor aandachtig!

Openbaring 22, vers 6  En Hij zeide tot mij: Deze woorden zijn getrouw en waarachtig, en de Here, de God van de geesten der Profeten, heeft zijn engel gezonden om zijn knechten te tonen hetgeen weldra geschieden moet.

Spreuken 29, vers 1  Wie zijn nek verhardt ondanks herhaalde vermaning, wordt opeens onherstelbaar gebroken.

Ezechiël 2, vers 8  En gij, mensenkind, hoor wat Ik tot u zeg; wees niet weerspannig gelijk het weerspannige geslacht. Tot zover.
Ezechiël 2, vers 5  En zij, of zij horen dan wel het nalaten – want zij zijn een weerspannig geslacht – zullen weten, dat er in hun midden een Profeet is geweest.
En vers 7  Maar gij, “Profeet Benjamin”, spreek mijn woorden tot hen, “evenzo Mijn Profetes Theresa”, of zij horen dan wel het nalaten, want zij zijn weerspannig.
Ezechiël 7, vers 4 tot en met 7  Ik zal u niet ontzien en geen deernis hebben, maar Ik zal uw wandel aan u vergelden, uw gruwelen zullen op u neerkomen, en gij zult weten, dat Ik de Here ben. Zo zegt de Here Here: Onheil op onheil! Zie, het komt! Er komt een einde; het einde komt! Het wordt wakker over u! Zie, het komt! De doem komt over u, inwoner des lands! De tijd komt! De dag is nabij. Verwarring en geen vreugdegeroep op de bergen!
En vers 9  Ik zal niets ontzien en geen deernis hebben; naar uw wandel zal Ik u vergelden, en uw gruwelen zullen op u neerkomen. En gij zult weten, dat Ik, de Here, het ben, die slaat.
En Ezechiël 26, vers 9  Het gebeuk van zijn stormrammen zal hij tegen uw muren richten en uw torens met zijn breekijzers afbreken.

Psalm 107, vers 25 en 26  Hij sprak en deed een stormwind opsteken, die haar golven omhoog hief; zij rezen ten hemel, zonken neer in de waterdiepten, hun ziel verging van ellende.
Psalm 147, vers 15  Hij zendt zijn bevel op de aarde, zijn woord loopt zeer snel.
En Psalm 148, vers 8  Vuur en hagel, sneeuw en nevel, gij stormwind, die zijn woord volbrengt.

Jeremia 21, vers 5  Ik zal tegen u strijd voeren met uitgestrekte hand en sterke arm, in toorn, gramschap en grote verbolgenheid.
Jeremia 23, vers 19 en 20  Zie, een stormwind des Heren, gramschap, vaart uit, een wervelende storm; op het hoofd der goddelozen stort hij zich uit. De toorn des Heren zal zich niet afwenden, tot Hij heeft volvoerd en tot stand gebracht de raadslagen van zijn hart; in het laatst der dagen zult gij dat duidelijk inzien.
Jeremia 25, vers 32  Zo zegt de Here der heerscharen: Zie, rampspoed gaat van volk tot volk, een zware storm steekt op van de uithoeken der aarde.
En Jeremia 30, vers 23  Zie, een stormwind des Heren, gramschap vaart uit, een alles meesleurende storm! Op het hoofd der goddelozen zal hij neerkomen.

Ezechiël 13, vers 11 tot en met 15  Zeg tot hen die met kalk pleisteren: toch zal hij vallen! Er zal een stromende regen komen, en gij, hagelstenen, zult neervallen, en een stormwind zal losbreken. Als dan de muur gevallen is, zal dan niet tot u gezegd worden: waar is de kalk waarmee gij gepleisterd hebt? Daarom, zo zegt de Here Here, ja, Ik zal een stormwind doen losbreken in mijn grimmigheid en stromende regen zal er zijn in mijn toorn, en hagelstenen – in grimmigheid, tot verdelgens toe. Ik zal de muur die gij met kalk bepleisterd hebt, neerhalen en ter aarde werpen, en zijn fundament zal worden blootgelegd; de stad zal vallen en gij zult daarin omkomen. En gij zult weten, dat Ik de Here ben. Zo zal Ik mijn grimmigheid ten volle uitstorten over de muur en over hen die hem met kalk bepleisteren, en Ik zal tot u zeggen: weg is de muur en weg zijn zij die hem bepleisterden.

Voorwaar, bekeer u van uw boze wandel en allerlei kwaad, waar God een afschuw van heeft!
Wees kadosh, heilig voor Gods aangezicht, en vernietig uw afgoden, of de Almachtige en Krachtige Koning der koningen zal u gaan vernietigen, voor eeuwig! Heb respect voor de Here, de Eeuwige, Enige Koning, en belijd uw zonden.

Johannes 14, vers 15  Wanneer gij Mij liefhebt, zult gij mijn geboden bewaren.
En vers 6  Jezus zeide tot hem: Ik ben de weg en de waarheid en het leven; niemand komt tot de Vader dan door Mij.
Johannes 10, vers 26 tot en met 30  Maar gij gelooft niet, omdat gij niet tot mijn schapen behoort. Mijn schapen horen naar mijn stem en Ik ken ze en zij volgen Mij, en Ik geef hun eeuwig leven en zij zullen voorzeker niet verloren gaan in eeuwigheid en niemand zal ze uit mijn hand roven. Wat mijn Vader Mij gegeven heeft, gaat alles te boven en niemand kan iets roven uit de hand mijns Vaders. Ik en de Vader zijn één.
En vers 36  Zegt gij dan tot Hem, die de Vader geheiligd en in de wereld gezonden heeft: Gij lastert, omdat Ik heb gezegd: Ik ben Gods Zoon?
En Johannes 3, vers 16 tot en met 21  Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. Want God heeft zijn Zoon niet in de wereld gezonden, opdat Hij de wereld veroordele, maar opdat de wereld door Hem behouden worde. Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld; wie niet gelooft, is reeds veroordeeld, omdat hij niet heeft geloofd in de naam van de eniggeboren Zoon van God. Dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is en de mensen de duisternis liever gehad hebben dan het licht, want hun werken waren boos. Want een ieder, die kwaad bedrijft, haat het licht, en gaat niet tot het licht, opdat zijn werken niet aan de dag komen; maar wie de waarheid doet, gaat tot het licht, opdat van zijn werken blijke, dat zij in God verricht zijn.

Voorwaar, Gods hand slaat!
Wie niet wil horen, gaat verloren. God doet wat Hij zegt. Amen!
Ik ga nu, sprak de bode engel Gods, Ruacha, Yeshu, Shalom!

 

Opmerking: Volledige tekstweergave voor doven, slechthorenden en anderstaligen
Use Google Translate and Bookmark it. Please share and do not change © BC
Vertalers in andere talen zijn zeer welkom

More messages on this website, also in English, Spanish, Portuguese, German, Filipino, Indonesian, Swahili, Surinamese, Korean, Polish and Russian!

Bron: Evangelicalendtimemachine.com