DutchVideo 2019

Oren om te horen

Ernstige boodschap Gods: Hoe meer men God vreest en doet, wat Hij van u vraagt, hoe meer God u zal gebruiken en zegenen. Wees niet als een Jona, en wees ook niet zo koppig als Bileam, dat u de problemen door ongehoorzaamheid aantrekt! (After clicking the video, wait for a moment until it plays.)

Gepubliceerd op 6 mrt 2019 door Evangelical Endtime Machine International & Heiscoming12

Please share and do not change © BC

 

Volledige weergave:

Hallo, welkom! Op 6 maart 2019 bracht de bode engel de volgende boodschap Gods over aan eindtijdprofeet Benjamin Cousijnsen.

Shalom! Ik begroet u in de kadosh, heilige en almachtige, krachtige Naam van de enige God van al wat leeft, uw Rabboeni en Here der heren en Koning der koningen, Yeshua HaMashiach, Isa, JHWH, uw Koning, Jezus Christus. Voorwaar, mijn naam is Charia, een bode engel Gods.

Amos 3, vers 7  Voorzeker, de Here Here doet geen ding, of Hij openbaart zijn raad aan zijn knechten, de Profeten.

En Openbaring 22, vers 6  En Hij zeide tot mij: Deze woorden zijn getrouw en waarachtig, en de Here, de God van de geesten der Profeten, heeft zijn engel gezonden om zijn knechten te tonen hetgeen weldra geschieden moet.

En Jeremia 23, vers 37 en 38  Zeg aldus tot de Profeet: Wat heeft u de Here geantwoord, wat heeft de Here gesproken; maar als gij „de last des Heren” zegt, daarom zo zegt de Here: Omdat gij dit woord zegt: „de last des Heren”, hoewel Ik de boodschap tot u gezonden had: zegt niet „de last des Heren”.

En Micha 5, vers 14  En Ik zal in toorn en gramschap wraak oefenen over de volkeren die geen gehoor gegeven hebben.

Voorwaar, Kadosh, Heilig is God!
En wees nederig en heb ontzag voor Hem!

Mattheüs 5, vers 17  Meent niet, dat Ik gekomen ben om de wet of de Profeten te ontbinden; Ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen.

Voorwaar, vrees de Here, en wees getrouw, al lijdt u verdrukking.
Wie een oor heeft, die hore! Hij kent uw gedachten.

Openbaring 15, vers 4  Wie zou niet vrezen, Here, en uw naam niet verheerlijken? Immers, Gij alleen zijt heilig. Want alle volken zullen komen en zullen voor U nedervallen in aanbidding, omdat uw gerichten openbaar zijn geworden.

Voorwaar, wees niet koppig als Bileam! 

Numeri 22, vers 31  Toen opende de Here de ogen van Bileam; hij zag de Engel des Heren met getrokken zwaard in de hand op de weg staan en hij knielde neer en wierp zich op zijn aangezicht.

Voorwaar, laat het niet zover komen, vanwege uw gehoor aan God, dat u de problemen door ongehoorzaamheid aan God, aantrekt!

Numeri 22, vers 22  Maar de toorn Gods ontbrandde, toen hij ging, en de Engel des Heren stelde zich op de weg als zijn tegenstander; Bileam reed op zijn ezelin en had twee zijner dienaren bij zich.

En wat dacht u van Jona, die wegvluchtte voor God? 

Jona 1, vers 4  Maar de Here wierp een hevige wind op de zee en er ontstond een zware storm op de zee, zodat het schip dreigde te worden stukgeslagen.
Vers 7  En zij zeiden tot elkander: Komt, laat ons het lot werpen, opdat wij te weten komen door wiens schuld dit onheil ons treft. Zij wierpen het lot en het lot viel op Jona.
Vers 12  Hij antwoordde hun: Neemt mij op en werpt mij in de zee, en de zee zal ophouden tegen u te woeden. Want ik weet, dat door mijn schuld deze zware storm tegen u is opgestoken.
En vers 15  Daarna namen zij Jona op en wierpen hem in de zee, en de zee hield op met woeden.

Voorwaar, buig u neder voor Hem, die een luisterend oor van u wil, en ontzag in uw handel en wandel wil zien.
Hoe ver moet het komen dat u luistert?

1 Thessalonicenzen 4, vers 8  Daarom, wie dit verwerpt, verwerpt niet een mens, maar God, die u immers ook zijn heilige Geest geeft.

En Filippenzen 4, vers 13 en 14  Ik vermag alle dingen in Hem, die mij kracht geeft. Toch hebt gij er goed aan gedaan, te delen in mijn verdrukking.

En Efeziërs 6, vers 12  Want wij hebben niet te worstelen tegen bloed en vlees, maar tegen de overheden, tegen de machten, tegen de wereldbeheersers dezer duisternis, tegen de boze geesten in de hemelse gewesten.
En vers 17 en 18  En neemt de helm des heils aan en het zwaard des Geestes, dat is het woord van God. En bidt daarbij met aanhoudend bidden en smeken bij elke gelegenheid in de Geest, daartoe wakende met alle volharding en smeking voor alle heiligen.

En Galaten 5, vers 5  Wij immers verwachten door de Geest uit het geloof de gerechtigheid, waarop wij hopen.
En vers 17  Want het begeren van het vlees gaat in tegen de Geest en dat van de Geest tegen het vlees – want deze staan tegenover elkander – zodat gij niet doet wat gij maar wenst.

Voorwaar, hoe meer men God vreest en doet, wat Hij van u vraagt, hoe meer God u zal gebruiken en zegenen!

1 Korinthiërs 9, vers 23 tot en met 27  Alles doe ik ter wille van het evangelie, om er zelf ook deel aan te verkrijgen. Weet gij niet, dat zij, die in de renbaan lopen, allen wel lopen, doch dat slechts één de prijs kan ontvangen? Loopt dan zó, dat gij die behaalt! En al wie aan een wedstrijd deelneemt, beheerst zich in alles; zij om een vergankelijke erekrans te verkrijgen, wij om een onvergankelijke. Ik loop dan ook niet maar in den blinde en ik ben geen vuistvechter, die zo maar in de lucht slaat. Neen, ik tuchtig mijn lichaam en houd het in bedwang, om niet, na anderen gepredikt te hebben, wellicht zelf afgewezen te worden.

En Johannes 3, vers 16 tot en met 21  Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. Want God heeft zijn Zoon niet in de wereld gezonden, opdat Hij de wereld veroordele, maar opdat de wereld door Hem behouden worde. Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld; wie niet gelooft, is reeds veroordeeld, omdat hij niet heeft geloofd in de naam van de eniggeboren Zoon van God. Dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is en de mensen de duisternis liever gehad hebben dan het licht, want hun werken waren boos. Want een ieder, die kwaad bedrijft, haat het licht, en gaat niet tot het licht, opdat zijn werken niet aan de dag komen; maar wie de waarheid doet, gaat tot het licht, opdat van zijn werken blijke, dat zij in God verricht zijn.

En 1 Korinthiërs 2, vers 12 en 13  Wij nu hebben niet de geest der wereld ontvangen, maar de Geest uit God, opdat wij zouden weten, wat ons door God in genade geschonken is. Hiervan spreken wij dan ook met woorden, die niet door menselijke wijsheid, maar door de Geest geleerd zijn, zodat wij het geestelijke met het geestelijke vergelijken.

Amen!
Ik ga nu, sprak Gods bode engel, Ruacha, Yeshu, Shalom!

 

Opmerking: Volledige tekstweergave voor doven, slechthorenden en anderstaligen
Use Google Translate and Bookmark it. Please share and do not change © BC
Vertalers in andere talen zijn zeer welkom

More messages on this website, also in English, Spanish, Portuguese, German, Filipino, Indonesian, Swahili, Surinamese, Korean, Polish and Russian!

Bron: Evangelicalendtimemachine.com