DutchVideo 2014

Laat los die zonden en u vindt de allermooiste schat!

BOODSCHAP GODS: WIE EEN SCHAT WIL BEZITTEN, HEEFT ER ALLES VOOR OVER. EN WAT IS HET U WAARD, OM EEN VAN DE MOOISTE SCHATTEN TE VINDEN?

Gepubliceerd op 28 nov 2014 door Evangelical Endtime Machine International

Please share and do not change © BC

Flee from sin!

Volledige weergave:

Hallo, van harte welkom! Op 28 november 2014 bracht een engel des Heren woord voor woord de volgende boodschap over aan eindtijdprofeet Benjamin Cousijnsen.

Shalom! Ik begroet u in de wonderbare naam van Yeshua HaMashiach, Jezus Christus. Voorwaar, ik ben de bode engel Gods.

Zo spreekt de Heer Yeshua HaMashiach, Jezus Christus:

Jesaja 59, vers 1  De arm van de HEER is niet te kort om te redden, zijn gehoor niet te zwak om te luisteren.
Jesaja 65, vers 13 en 14  Daarom, zo zegt de Here Here: Zie, mijn knechten zullen eten, maar gij zult hongeren; zie, mijn knechten zullen drinken, maar gij zult dorsten; zie, mijn knechten zullen zich verheugen, maar gij zult beschaamd staan; zie, mijn knechten zullen jubelen van hartevreugd, maar gij zult schreeuwen van harteleed en van gebrokenheid des geestes zult gij jammeren.
En vers 17 en 18  Want zie, Ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde; aan wat vroeger was, zal niet gedacht worden, het zal niemand in de zin komen. Maar gij zult u verblijden en juichen voor eeuwig over hetgeen Ik schep, want zie, Ik schep Jeruzalem tot jubel en zijn volk tot blijdschap.
Jesaja 66, vers 2  Dit alles heeft immers mijn hand gemaakt en zo is dit alles ontstaan, luidt het woord des Heren; op zulken sla Ik acht: op de ellendige, de verslagene van geest en wie voor mijn woord beeft.

Jeremia 6, vers 16  Zo zegt de Here: Gaat staan aan de wegen, en ziet en vraagt naar de oude paden, waar toch de goede weg is, opdat gij die gaat en rust vindt voor uw ziel; maar zij zeggen: Wij willen die niet gaan.

Sirach 19, vers 17  Doe navraag bij je vriend voordat je dreigt, houd je aan de wet van de Allerhoogste.
En vers 20 tot en met 22  Alle wijsheid is ontzag voor de Heer. Ze sluit in dat je de wet in acht neemt en kennis van zijn almacht hebt. Een slaaf die tegen zijn meester zegt: “Ik weiger te doen wat u verlangt”, wekt de boosheid op van zijn broodheer, ook al doet de slaaf het daarna toch. Ervaring in het kwaad is geen wijsheid, de raad van goddelozen biedt geen inzicht.

Voorwaar, kadosh, heilig is Yeshua HaMashiach, Jezus Christus! 

Sirach 21, vers 1 en 2  Mijn kind, als je gezondigd hebt, ga er niet mee door, bid om vergeving voor je zonden. Vlucht voor zonden als voor een slang, want als de zonde naderbij komt grijpt ze je. Haar tanden zijn als die van een leeuw, ze rukken mensenlevens weg.
Sirach 40, vers 18  Wie van zijn bezit of zijn werk leeft heeft het goed, maar wie een schat vindt heeft het beter.

Voorwaar, wie een schat wil bezitten, heeft er alles voor over!
En wat is het u waard, om een van de mooiste schatten te vinden?
Velen zeggen: “Alles!” Zo zijn er velen, die wel alles wil hebben. Maar als men er iets voor moet opofferen, namelijk hun zonden loslaten, dan wordt het al meteen moeilijker voor hem of haar.

Mattheüs 6, vers 21  Want, waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.
Mattheüs 7, vers 13  Gaat in door de enge poort, want wijd is de poort en breed de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die daardoor ingaan.
En vers 21  Niet een ieder, die tot Mij zegt: Here, Here, zal het Koninkrijk der hemelen binnengaan, maar wie doet de wil mijns Vaders, die in de hemelen is.

Voorwaar, de grootste schat is Yeshua HaMashiach, Jezus Christus! 

Psalm 116, vers 4 tot en met 9  Maar ik riep de naam des Heren aan: Ach Here, red mijn leven. Genadig is de Here en rechtvaardig, onze God is een ontfermer. De Here bewaart de eenvoudigen; ik was verzwakt, maar Hij heeft mij verlost. Keer weder, mijn ziel, tot uw rust, omdat de Here u heeft welgedaan. Want Gij hebt mijn leven van de dood gered, mijn oog van tranen, mijn voet van aanstoot. Ik zal wandelen voor het aangezicht des Heren in de landen der levenden.
Psalm 119, vers 35  Doe mij het pad uwer geboden betreden, want daarin heb ik lust.

Johannes 3, vers 16 tot en met 18  Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. Want God heeft zijn Zoon niet in de wereld gezonden, opdat Hij de wereld veroordele, maar opdat de wereld door Hem behouden worde. Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld; wie niet gelooft, is reeds veroordeeld, omdat hij niet heeft geloofd in de naam van de eniggeboren Zoon van God.

Wijsheid 3, vers 9 tot en met 10  Wie op hem vertrouwen zullen de waarheid kennen, en wie trouw zijn zullen in liefde met hem verkeren. Want er is genade en barmhartigheid voor zijn heilig volk, en redding voor zijn uitverkorenen. De goddelozen echter zullen om hun wijze van denken gestraft worden. Zo vergaat het hun die de rechtvaardige verachten en zich van de Heer afkeren.

De bode engel Gods sprak, Ik ga nu, Ruacha, Yeshu, Shalom! en verdween.

En ook ik zeg u, Ruacha, Yeshu, Shalom! Gods zegen

 

Opmerking: Volledige tekstweergave voor doven, slechthorenden en anderstaligen

Use Google Translate and Bookmark it. Deel deze belangrijke boodschappen!

Vertalers in andere talen zijn zeer welkom

More messages on this website, also in English, Spanish, Portuguese, German, Filipino, Indonesian, Swahili, Korean and Russian!

Bron:  Evangelicalendtimemachine.com