DutchVideo 2012

Jezus nam satan de sleutel af van de eeuwige Dood

Benjamin wordt naar het verleden gebracht. Daar ziet Hij Jezus Zijn laatste adem uitblazen en volgt Hem meteen na Zijn dood naar de plek, waar Jezus de sleutel in handen krijgt van het dodenrijk.

Gepubliceerd op 9 jun 2012 door eindtijdspace

Please share, and do not change © BC

sleutel dodenrijk

Volledige weergave:

Hallo! Dit visioen heeft Benjamin Cousijnsen ontvangen in de nacht van 7 juni 2012. Benjamin schrijft,

Ik was bij mijn schoonouders en had niet gerekend op visioenen, maar op 7 juni lag ik in bed, toen ik deze woorden hoorde: Shalom, Benjamin! en meteen zei de witte gedaante,

Kolossenzen 1, vers 16 tot 20  Want in Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen; en Hij is vóór alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem; en Hij is het hoofd van het lichaam, de gemeente. Hij is het begin, de eerstgeborene uit de doden, zodat Hij onder alles de eerste geworden is. Want het heeft de ganse volheid behaagd in Hem woning te maken.

Ik keek naar de hoek van de kamer, waar een menselijke gedaante, omgeven door niet fel licht, stond.

Het was verdraagzaam voor mijn ogen. Ik kon zijn gezicht echter niet onderscheiden, doordat deze door een waas van licht bedekt werd. Hij zei, Ik zeg u, u bent beschermd onder het kostbaar Bloed van Yeshua HaMashiach. Dit moet men nimmer vergeten als kind van God. Volg mij nu, zei hij.

“U lijkt op Michaël”, zei ik.

Nee, zei hij, mijn naam is bekend onder de overwinnaars in de hemelse gewesten. Mijn naam vreest men het meest. En ik kan mijn naam niet noemen.

Ik zei, “Sorry, maar als ik niet weet, wie u bent, dan zou u een gevallen engel kunnen zijn. Als men u vreest, dan zal ik u moeten verslaan onder de kracht van Jezus Christus, die meer dan overwinnaar is tot in alle eeuwigheid!”

Goed zo, Benjamin! zei hij. Ik zal mijn ware kant nu laten zien. Onderzoek altijd, wie tot u gekomen is. U hebt als Profeet van God de test doorstaan, zei hij, wat men vroeg aan mij.

Hij zei, Bedek uw gezicht nu… Ik bedekte met beide handen mijn gezicht en keek tussen mijn vingers door…

Door al dat plotselinge stralende licht, dat nu feller was geworden, zag ik dat het Jezus Christus zelf was, Yeshua HaMashiach!

Benjamin, zei de Heer, Ik breng u vooraf naar het kruis, de plek waar het kruis stond, wordt ook ‘Calvarie’, ‘Schedel’ genoemd, en ‘Golgotha’.

Ik stond op uit bed en volgde Hem meteen… De Heer liep stralend door de slaapkamer heen, de trap af, en ik volgde Hem door de voordeur heen, de Meijerijstraat op in Brabant. Vanaf de straat gingen we de lucht in. Ik schrok plotseling, omdat de lucht veranderde, en ik hoorde harde donderslagen, en het regende. Jezus zei, Vrees niet, Benjamin! Op dat moment week alle vrees van mij, toen Jezus die woorden uitsprak.

Beneden mij zag ik de plek, waar het kruis stond… en ik zag dat het lichaam nog aan het kruis hing.

We keken samen naar het kruis. Ik was zo diep onder de indruk, omdat ik zag hoe Hij mishandeld werd! Zijn lichaam was bij de benen en armen, en ook op Zijn lichaam, opengereten, losgescheurd vlees! Het was erger dan ‘The Passion of the Christ’.

De doornenkroon zat diep in het vlees.

Het deed mij zoveel pijn, omdat ik besefte dat Hij dit voor ons heeft gedaan, dat ik niet op mijn benen kon blijven staan. Ik zakte op mijn knieën en de tranen liepen me over de wangen. Het was vreselijk om te zien, hoe Hij er uitzag. De tranen liepen me over de wangen! Ik kon het niet meer aanzien, en bedekte met mijn handen mijn ogen…

Toen voelde ik plotseling een vertroostende hand op mijn schouders.

Het was Jezus Christus, die al die tijd ook al naast mij had gestaan. Maar ik dacht er even niet meer aan. Hij zei: Is er dan toch nog iemand vanuit uw tijd, die om Mij weent? Want men weet niet eens meer, waarom Ik daar hing! zei Jezus.

Benjamin, zei de Heer, Geef dit door. Ik gaf Mijn leven op dat moment!

Ik zag Jezus aan het kruis. Beter gezegd, hoorde ik dat Jezus Zijn laatste adem uitblies, en Zijn hoofd liet zakken. Wat deed mij dat pijn. Yeshua HaMashiach, Jezus Christus, zei: Benjamin, Ik neem u nu mee, en Ik zal u laten zien, wat men niet weet.

Toen zag ik, dat de lucht plotseling openging, en dat Jezus aan het kruis de geest gaf…

Zijn geest ging omhoog vanuit Zijn lichaam. De grond begon te trillen, en heel heftig voor het kruis, barstte de grond open, scheurde het tussen het kruis in en waar de mensen stonden te kijken. Het was een enorme aardbeving. De wolken raasden door de lucht, en het leek wel plotseling nacht! Zo donker was het. Het donderde heftig, het was zeer beangstigend.

Op het moment dat de Here Jezus de geest gaf, zei Jezus naast mij: Ik verplaats u nu. Toen volgde ik automatisch de Here Jezus, die gestorven was, Zijn geest zo te zeggen…

En toen was ik op de plek, waar Jezus Christus aankwam, meteen na Zijn dood van aan het kruis van Golgotha…

Yeshua kwam op een plek van vuur, omringd door vlammen. Ik bleef dicht achter Hem lopen. Yeshua liep omringd door vlammen, maar de vlammen, die deinsden terug, als Hij de stappen zette, zodat ze geen vat op Hem hadden. Yeshua en ik liepen daar. En ik voelde ook geen hitte en ik bleef dicht achter Jezus aan lopen.

Ik zag nu dat ik geest was, want ik kon dwars door mijn handen heenkijken.

Ik zag dat ik in de hel was.

En terwijl Yeshua door de vlammenzee stapte, hoorde ik vreselijk schreeuwen en krijsen in verschillende talen. Ik zag allerlei demonen, die op verschillende soorten monsters met horens leken. En bij het zien van Jezus Christus, Yeshua HaMashiach, sloegen ze op de vlucht!

Bij een groot hek aangekomen met satanische tekens, vielen meteen het slot en de ketting eraf!

En ze smolten weg als boter, toen Jezus er voor stond.

Toen gingen Jezus Christus en ik door een muur heen, van wat een kasteel leek.

En we stonden in een reusachtige zaal… Jezus Christus liep rustig naar de troon, waar satan was. Toen bedekte satan zijn gezicht, op de troon van de hel. Ik hoorde dat Yeshua tegen hem sprak. Hij bleef ongeveer op een tien meter afstand staan. Hij sprak tegen hem in een taal, die ik niet verstond.

Ik zag opeens dat satan weggleed; hij leek heel veel pijn te hebben bij de woorden van Jezus Christus. En hij gleed als het ware weg, en wierp zich op de grond, en had zoveel pijn door de kracht van Yeshua HaMashiach! Satan kronkelde als een slang en siste!

Ik zag dat satan plotseling een grote sleutel van zich afwierp…

“Ga weg! Ga weg!” riep satan, “Zoon van God, Naam boven alle naam, Zoon van de Allerhoogste! Neem de Dood!” krijste hij uit.

Jezus strekte Zijn hand uit, en de kerkerachtige sleutel kwam door de lucht in Zijn hand terecht.

We gingen weer verder, door de muur, en kwamen in een grote brede gang van ongeveer vijf meter, met grote gevangeniscellen.

De Here Jezus Christus, Yeshua HaMashiach, opende een grote deur met deze sleutel. En ik zag hierachter ontelbaar veel opgepropte mensen! De Here Jezus zei: Ga heen en zondig niet meer!

De Here Jezus liep verder de gang door, en overal gingen nu de deuren open, zonder de sleutel verder te gebruiken. Overal gingen er rechts van de gang deuren open, en kwamen er mensen naar buiten.

We liepen door, weer door een muur, en kwamen in een martelruimte terecht.

Er stonden een soort pijnbanken, waarop mensen geslagen werden met een hakenzweep en ook mokers en hamers, die gebruikt werden. Het was verschrikkelijk om aan te zien. Menselijke lichamen werden toegetakeld en verscheurd. En ik zag wormen en slangen, die door de lichamen heen kropen. Telkens als het lichaam dan kapot en uit elkaar was, leek het zich telkens weer te helen, en het vlees weer aan elkaar aan te groeien, en begon het beulen weer van voren af aan.

De demonen sloegen op de vlucht, toen ze Jezus zagen.

Mij schenen ze niet te kunnen zien.

En door deze vlammenzee kwamen we op een plek, een basis met verschillende soorten UFO’s.

Deze demonen in deze ruimte zagen er mensachtig uit, en hadden vleermuisachtige gedaanten en lichamen. Ze hadden een hoger voorhoofd dan wij. Ze hadden gedraaide horens, wat ramachtig aandeed. Ze keken op een beeldscherm, met de naam ‘Het Beeld’ er op.

Toen Jezus Christus en ik voorbij liepen, sprongen de beelden kapot. En ze begonnen te vloeken! Maar ze zagen ons niet.

Toen bemerkte ik dat Yeshua ineens weg was! Ik hoorde gelukkig mijn naam roepen… Benjamin! Benjamin! Hier ben ik.

Ik was alweer in de lucht, toen de Heer mij riep.

Hij, die mij had opgehaald in Boxtel, Jezus Christus.

Hoe vond je het? vroeg de Heer.

“Schokkend”, zei ik, “Ik had gehoopt, omdat ik vandaag vier jaar getrouwd ben, op een leuke droom, en nu krijg ik dit cadeau, lijkt wel.”

Benjamin, zei Jezus Christus, Yeshua HaMashiach, Denk niet aan jezelf, denk aan waarom Ik aan het kruis hing! Ik overwon de Dood, maar hing daar omdat Ik wil dat niemand verloren gaat. Daarom laat Ik dit alles zien.

Ik heb satan de sleutels van de eeuwige Dood afgenomen, en stond op uit de dood. Ik leef!

Anders zag u mij niet. Jij bent de enige, die dit mocht zien, zei de Heer. Zeg dit, wat Ik u heb laten zien, zei de Here Jezus.

Toen bracht Hij mij terug op straat, maar ik zag dat ik elders was…

Ik stond op een stoep en zag veel casino’s en muziek en lichtlampen, een lichtbord in de vorm van een cowboy, die zijn hoed afnam en groette.

Er stond een bankje in de buurt met een paar mensen, die een laptop op schoot hadden. Zij leken geen aandacht te hebben voor de oude vrouw, die er tussen zat. Zij leek helemaal niet opgemerkt te worden door hen, zo beheerst waren ze door de laptop!

De Here Jezus liep naar de overkant toe, schuin tegenover, en ik volgde Hem…

En daar zag ik duizenden mensen, die verstard, emotieloos keken naar een reusachtig beeldscherm, waar één persoon een speech leek te houden.

Duizenden mensen staarden! De Here Jezus zei: Benjamin, weet je nog? Ze aanbaden het beeld, en het kwam tot leven, zei Jezus Christus. Hier zitten technologische demonen achter, zei de Heer, gevallen engelen. De Here Jezus zei: U daar, die nu wakkergeschud moet worden, richt u op Mij, kom tot Mij, of ga verloren!

Openbaring 13, vers 15 tot 16 zei de Here Jezus Christus: En hem werd gegeven om aan het beeld van het beest een geest te schenken, zodat het beeld van het beest ook zou spreken, en maken dat allen, die het beeld van het beest niet aanbaden, gedood werden.

Onverwachts kom Ik, als een dief in de nacht!

Maar waar bent u dan? Achter uw eigen god? zei de Heer. Bekeer u tot Mij, en kom met uw zonden. Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Zonder de keuze op Mij gaat u verloren!

De Heer sprak: Benjamin, kijk! Ik verplaats u naar uw straat, ga… Toen nam ik afscheid en ging de trap op, door de deur, de slaapkamer in, en ging weer het bed in om te slapen… ‘Jippie!’ dacht ik, vier jaar getrouwd!’ Maar ik had gemengde gevoelens door wat ik allemaal had meegemaakt. Ik dacht, ‘Here, wie gelooft mij als ik dit vertel? Ik ben maar een eenvoudige man Gods, die u liefheeft en vreest. Voor mij geen hel, Heer. Ik raad iedereen aan, zich op u te richten voordat het te laat is’. Toen ik dat dacht, hoorde ik zachtjes een engelenkoor zingen… “Ere zij God, ere zij God in den hoge”… Toen viel ik in slaap, en schreef bij het wakker worden alles op. En ik hoorde nog nagalmen, nog na echoën: “Blijf uit de hel!”

Shalom!

 

Opmerking: Volledige tekstweergave voor doven, slechthorenden en anderstaligen

Use Google Translate and Bookmark it. Deel deze belangrijke boodschappen!

Vertalers in andere talen zijn zeer welkom

More messages on this website, also in English, Spanish, Portuguese, German, Filipino, Indonesian, Swahili, Korean and Russian!

Bron:  Evangelicalendtimemachine.com