DutchVideo 2020

Een dwaas begrijpt niet Gods liefde

Hij zond zijn woord, Hij genas hen en deed hen aan de groeve ontkomen.

Gepubliceerd op 12 Oktober 2020 door Evangelical Endtime Machine International

Please share and do not change © BC

 

Volledige weergave:

Hallo, welkom! Op 10 Oktober 2020, bracht de bode engel Gods deze boodschap over aan Profeet Benjamin Cousijnsen.

Shalom! Ik begroet u in de kadosh, heilige en almachtige Naam van Yeshua HaMashiach, JHWH, Jezus Christus.

Voorwaar, hoor aandachtig.

Mattheüs 11, vers 10Een Profeet,” Deze is het, van wie geschreven staat: Zie, Ik zend mijn bode voor uw aangezicht uit, die uw weg voor U heen bereiden zal.
Openbaring 22, vers 6 En Hij zeide tot mij: “Deze woorden zijn getrouw en waarachtig, en de Here, de God van de geesten der Profeten, heeft zijn engel gezonden om zijn knechten te tonen hetgeen weldra geschieden moet.”
En Spreuken 2, vers 7 Hij bewaart hulp voor de oprechten, Hij is een schild voor wie onberispelijk wandelen.

Aldus heeft de Heer, Yeshua HaMashiach, JHWH, Jezus Christus zo gesproken.
Voorwaar, mijn naam is Revorme, en ben een bode engel Gods.

Voorwaar, alle boodschappen Gods zijn door God zelf doorgegeven via Zijn bode engelen en vanwege dat men in de eindtijd leeft.
Een dwaas begrijpt deze boodschappen niet, omdat men geen tijd neemt om ernaar te luisteren of kan het gewoon niet begrijpen of niet er wil overdenken.

Spreuken 28, vers 5 Boze lieden verstaan het recht niet, maar wie de HERE zoeken, verstaan alles.
En Psalm 10, vers 4 De goddeloze met zijn neus in de hoogte (denkt): Hij vraagt geen rekenschap.
En Psalm 14, vers 2 De HERE ziet neder uit de hemel op de mensenkinderen, om te zien, of er één verstandig is, één, die God zoekt.
En Psalm 22, vers 5 en 6 Op U hebben onze vaderen vertrouwd, zij hebben vertrouwd, en Gij deedt hen ontkomen; tot U hebben zij geroepen en zij werden gered, op U hebben zij vertrouwd en zij zijn niet beschaamd.

Voorwaar, wie in rechtvaardigheid wandelen hoeven niet beschaamd te zijn omdat God u kent en uw gebeden en berouw.

Psalm 25, vers 7 tot en met 11 Gedenk niet de zonden van mijn jeugd, noch mijn overtredingen, gedenk mijner naar uw goedertierenheid, om uwer goedheid wil, HERE. Goed en waarachtig is de HERE; daarom onderwijst Hij de zondaars aangaande de weg. Ootmoedigen doet Hij wandelen in het recht, en Hij leert ootmoedigen zijn weg. Alle paden des HEREN zijn goedertierenheid en trouw voor wie zijn verbond en zijn getuigenissen bewaren. Om uws naams wil, HERE, vergeef mij mijn ongerechtigheid, want die is groot.

Voorwaar, de ellendige riep en kreeg genade van al zijn of haar zonden, ondanks hoe talrijk zijn of haar zonden ook waren.
God gedenkt nimmer de overtredingen en is een echte barmhartige Here, vol gunst bewijzen als men Zijn aangezicht heeft gezocht en bekeerd heeft.

Voorwaar, de Here red en wil dat niemand verloren gaat.

Psalm 46, vers 2 en 3 God is ons een toevlucht en sterkte, ten zeerste bevonden een hulp in benauwdheden. Daarom zullen wij niet vrezen, al verplaatste zich de aarde, al wankelden de bergen in het hart van de zee.

En Psalm 59, vers 9 tot en met 11 Maar Gij, HERE, belacht hen, Gij spot met al de heidenen. Mijn sterkte, op U wil ik acht slaan, want God is mijn burcht. Mijn goedertieren God trede mij tegemoet; God doe mij met vreugde zien op hen die mij benauwen.
En vers 17 en 18 Ik echter bezing uw sterkte, des morgens jubel ik over uw goedertierenheid; want Gij waart mij een burcht, een toevlucht ten dage toen ik benauwd was. Mijn sterkte, U wil ik psalmzingen; want God is mijn burcht, mijn goedertieren God.

En Psalm 99, vers 9 Verhoogt de HERE, onze God, buigt u neder voor zijn heilige berg, want: Heilig is de HERE, onze God.

En Psalm 107, vers 17 tot en met 20 Er waren dwazen, die wegens hun zondige wandel en wegens hun ongerechtigheden gepijnigd werden; hun ziel gruwde van elke spijze, zij waren de poorten des doods nabij. Toen riepen zij tot de HERE in hun benauwdheid, en Hij verloste hen uit hun angsten; Hij zond zijn woord, Hij genas hen en deed hen aan de groeve ontkomen.

En Johannes 3, vers 16 tot en met 21 Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe. Want God heeft zijn Zoon niet in de wereld gezonden, opdat Hij de wereld veroordele, maar opdat de wereld door Hem behouden worde. Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld; wie niet gelooft, is reeds veroordeeld, omdat hij “of zij” niet heeft geloofd in de naam van de eniggeboren Zoon van God. Dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is en de mensen de duisternis liever gehad hebben dan het licht, want hun werken waren boos. Want een ieder, die kwaad bedrijft, haat het licht, en gaat niet tot het licht, opdat zijn “of haar” werken niet aan de dag komen; maar wie de waarheid doet, gaat tot het licht, opdat van zijn “of haar” werken blijke, dat zij in God verricht zijn.

Vanuit deze boodschap mag u weten dat God liefde is!
Ik ga nu, sprak de bode engel Gods, Ruacha, Yeshu, Shalom!

 

Opmerking: Volledige tekstweergave voor doven, slechthorenden en anderstaligen
Use Google Translate and Bookmark it. Please share and do not change © BC
Vertalers in andere talen zijn zeer welkom

More messages on this website, also in English, Spanish, Portuguese, German, Filipino, Indonesian, Swahili, Surinamese, Korean, Polish and Russian!

Bron: Evangelicalendtimemachine.com